Belastingparadijzen kosten fiscus 212 miljard.

Dit artikel is op 25-03-2006 gepubliceerd door De Standaard.

Beweringen en meningen geuit in dit artikel zijn die van de auteur(s) en niet (noodzakelijkerwijs) die van de redactie.

Het bestaan van belastingparadijzen kost de wereldwijde overheden jaarlijks 212 miljard euro aan gederfde belastingopbrengsten.
Tot die conclusie komt een rapport van het Tax Justice Network. Dat is een internationale coalitie van fiscale deskundigen, die is voortgekomen uit de andersglobalistenbeweging. Het rapport wordt in België uitgegeven door het Financieel Actie Netwerk en het Réseau contre la Spéculation Financière.

Het rapport baseert zijn conclusie op gegevens van drie verschillende bronnen. Zowel de Bank voor Internationale Betalingen, Merrill Lynch als de Boston Consulting Group schatten het wereldwijde vermogen dat offshore geparkeerd is, op 9.000 tot 10.000 miljard dollar. Het Tax Justice Network telt daar nog 2.000 miljard bij voor materiële activa als vastgoed, vliegtuigen, en royaltyrechten. Als dat vermogen van 11.500 miljard dollar belegd wordt met een rendement van 7,5 procent, bedraagt de opbrengst ongeveer 850 miljoen dollar. De voorheffing in de offshore-centra zou ongeveer 7,5 procent bedragen, terwijl de gemiddelde marginale aanslagvoet voor een vermogend individu volgens Forbes 37,5 procent bedraagt. Het verschil is dus 30 procent, of 255 miljard dollar (212 miljard euro).

Dat bedrag is ongeveer anderhalf keer het bruto binnenlands product van Denemarken, en drie maal zoveel als nodig is om de Milleniumdoelstellingen te verwezenlijken. Die doelen, door de Verenigde Naties ontwikkeld, beogen onder meer de halvering van de wereldwijde armoede en toegankelijkheid tot het basisonderwijs voor alle kinderen.

In feite ligt het bedrag aan gederfde belastingen nog hoger. De studie gaat immers alleen uit van offshore belegde vermogens. Fiscale optimalisatie door multinationals is er niet in opgenomen. Illegale constructies evenmin.

In de studie worden 72 belastingparadijzen geïndentificeerd. Opmerkelijk is dat ook België op de lijst staat. Dat heeft veel te maken met het bestaan van coördinatiecentra in ons land, die multinationals de mogelijkheid bieden hun belastingaanslag te beperken. ,,Het bestaan van belastingparadijzen is zeer schadelijk, omdat het vrijwel uitsluitend de miljonairs en de multinationals zijn die ervan kunnen profiteren\’\’, betoogt François Gobbe van het Tax Justice Network. Volgens hem is de gewone burger, maar ook de gewone kmo, het slachtoffer van de paradijzen. Zij moeten immers wel de volle pot aan de fiscus betalen. Ook hekelt Gobbe de internationale competitie op fiscaal vlak, die een race to the bottom in de hand werkt.

De Oeso is al jarenlang bezig met een kruistocht tegen belastingparadijzen, en heeft daarmee ook succes geboekt. Veel schadelijke praktijken, zoals de Belgische coördinatiecentra, zijn of worden afgeschaft. Van de offshore-paradijzen werken er 33 met de Oeso samen om hun regimes aan te passen. In het voortgangsrapport van 2004 staan nog vijf paradijzen op de zwarte lijst: Andorra, Liberia, Liechtenstein, de Marshall-eilanden en Monaco. Desondanks stelt het rapport van het Tax Justice Network vast dat het aantal paradijzen de afgelopen 25 jaar verdubbeld is. Het Network baseert zijn lijst van paradijzen op onderzoekswerk van de Britse academici John Christensen en Mark Hampton.

SP.A-kamerlid Dirk Van der Maelen, die een rapport over het onderwerp voorbereidt, betitelt de Oeso-inspanningen als ,,muizenstapjes\’\’, en stelt vast dat er hoe langer hoe meer kritische geluiden komen over de toepassing van de Oeso-regels. ,,Vergeet niet dat ook België door de Oeso al op de vingers is getikt omdat ons land weigert het bankgeheim op te heffen\’\’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *